Samenstelling
Losimed duo Ofimedicine B.V.
- Toedieningsvorm
- Tablet
Bevat per tablet: loperamidehydrochloride 2 mg, dimeticon 125 mg.
Uitleg symbolen
XGVS | Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS). |
OTC | 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel. |
Bijlage 2 | Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering. |
Aanvullende monitoring | Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb. |
Samenstelling
Xermelo (als etipraat) SERB SA
- Toedieningsvorm
- Tablet, omhuld
- Sterkte
- 250 mg
Uitleg symbolen
XGVS | Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS). |
OTC | 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel. |
Bijlage 2 | Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering. |
Aanvullende monitoring | Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb. |
Advies
Voor dit geneesmiddel is geen advies vastgesteld.
Advies
Voor de behandeling van chronische diarree bij kanker staat op pallialine de geldende behandelrichtlijn.
Indicaties
- Symptomatische behandeling van acute diarree, bij volwassenen en kinderen > 12 jaar met gas-gerelateerde symptomen zoals opgeblazen gevoel, krampen of flatulentie.
Indicaties
- Diarree veroorzaakt door het carcinoïdsyndroom in combinatie met somatostatine-analoga (SSA) bij volwassenen, indien therapie met alleen een SSA onvoldoende effectief is.
Doseringen
Acute diarree
Volwassenen (incl. ouderen)
Begindosering: 4 mg loperamide. Daarna 2 mg loperamide na elke losse stoelgang. Max. 8 mg loperamide per dag, gedurende max. 2 dagen. Raadpleeg een arts als de klachten blijven bestaan.
kinderen > 12 jaar
Begindosering: 2 mg loperamide. Daarna 2 mg loperamide na elke losse stoelgang. Max. 8 mg loperamide per dag, gedurende max. 2 dagen. Raadpleeg een arts als de klachten blijven bestaan.
Verminderde nierfunctie: een dosisaanpassing is niet nodig.
Toediening: De breukstreep op de tablet is bedoeld om het inslikken makkelijker te maken en niet om de tablet in gelijke doses te verdelen.
Doseringen
Diarree veroorzaakt door het carcinoïdsyndroom
Volwassenen
250 mg 3×/dag. In combinatie met een SSA, zie ook de rubriek Interacties. Omdat accumulatie bij een deel van de patiënten niet kan worden uitgesloten, worden hogere doses niet aanbevolen. Klinische respons treedt doorgaans op binnen 12 weken behandeling. Indien tijdens deze weken géén respons optreedt, evalueren of voortzetting van de therapie nog geïndiceerd is. In klinisch onderzoek zijn patiënten behandeld gedurende max. 5 jaar.
Leverfunctiestoornis: bij lichte leverfunctiestoornis (Child-Pughscore 5–6) is mogelijk een verlaging van de dosering nodig: 250 mg 2×/dag, afhankelijk van of de patiënt het kan verdragen, en bij matige leverfunctiestoornis (Child-Pughscore 7–9) 250 mg 1×/dag. Gebruik bij ernstige leverfunctiestoornis (Child-Pughscore 9–15) wordt niet aanbevolen.
Nierfunctiestoornis: een dosisaanpassing is niet nodig bij nierfunctiestoornis met een creatinineklaring ≥ 15 ml/min. Gebruik is niet aanbevolen bij nierziekte waarvoor dialyse nodig is (creatinineklaring < 15 ml/min), vanwege onvoldoende gegevens over werkzaamheid en veiligheid.
Bij een gemiste dosis géén nieuwe dosis innemen, maar doorgaan met de volgende geplande dosis.
Toediening: de tablet in verband met een betere blootstelling innemen met voedsel.
Bijwerkingen
Vaak (1-10%): misselijkheid, dysgeusie.
Soms (0,1-1%): slaperigheid. Obstipatie. Huiduitslag.
Verder zijn gemeld: overgevoeligheidsreacties zoals anafylactische reacties (inclusief anafylactische shock). Verminderd bewustzijn of bewustzijnsverlies, duizeligheid. (Toxisch) megacolon, ileus, acute pancreatitis, braken, buikpijn, opgeblazen gevoel, dyspepsie, flatulentie. Angio-oedeem, urticaria, jeuk. urineretentie.
Bijwerkingen
Zeer vaak (> 10%): buikpijn, misselijkheid. Vermoeidheid. Stijging γ-GT.
Vaak (1–10%): opgezette buik, flatulentie, obstipatie. Verminderde eetlust. Depressieve stemming. Hoofdpijn. Koorts, perifeer oedeem. Stijging ASAT, ALAT en AF.
Soms (0,1-1%): fecale impactie (bij hogere dan aanbevolen dosering).
Interacties
Loperamide is een substraat van P-glycoproteïne, CYP3A4 en CYP2C8.
Remmers van CYP3A4 en P-glycoproteïne, zoals itraconazol en ketoconazol, en remmers van CYP2C8 zoals gemfibrozil kunnen de plasmaconcentratie van loperamide verhogen. Deze verhogingen zijn niet geassocieerd met meetbare effecten op het centraal zenuwstelsel.
Combinatie van loperamide met oraal desmopressine kan de desmopressine-plasmaconcentratie verhogen, waarschijnlijk door een tragere gastro-intestinale motiliteit. Geneesmiddelen die de maag-darmdoorloop versnellen, kunnen dit effect afzwakken.
Interacties
Carboxylesteraseremmers zoals loperamide veroorzaken in vitro een afname (< 30%) in de vorming van de actieve metaboliet; in de klinische onderzoeken had comedicatie met loperamide echter geen klinisch belangrijke gevolgen.
Gelijktijdige toediening van een kortwerkend somatostatine-analoog (SSA, bv. octreotide) leidt tot een significante vermindering in de blootstelling aan telotristat-ethyl en van de actieve metaboliet; daarom een kortwerkend SSA ten minste 30 min ná telotristat-ethyl toedienen. Deze interactie is niet waargenomen bij gebruik van langwerkende SSA's.
Toediening van telotristat-ethyl leidt in vitro tot inductie van CYP2B6 en van CYP3A4. Wees daarom voorzichtig met de combinatie met geneesmiddelen die voor een belangrijk deel door deze enzymsystemen worden omgezet en een nauwe therapeutische breedte hebben zoals carbamazepine, bupropion, sertraline, simvastatine, domperidon, ergotamine, PDE-5-remmers, alfuzosine, sommige calciumantagonisten, midazolam, methadon, fentanyl.
Gelijktijdig gebruik met carboxylesteraseremmer (CES) 2-substraten (zoals prasugrel, irinotecan, capecitabine) kan de blootstelling van deze geneesmiddelen veranderen. Controleer op suboptimale werkzaamheid en vermoedelijke bijwerkingen.
Zwangerschap
Teratogenese: Loperamide: Bij de mens, beperkte gegevens.
Farmacologisch effect: Loperamide: Onwaarschijnlijk, vanwege geringe systemische beschikbaarheid na orale inname.
Advies: Loperamide: Kan waarschijnlijk veilig kortdurend worden gebruikt.
Zwangerschap
Teratogenese: Bij de mens onbekend. Bij dieren in supratherapeutische doseringen aanwijzingen voor schadelijkheid (toename prenatale sterfte).
Advies: Gebruik ontraden.
Overige: Een vruchtbare vrouw dient adequate anticonceptieve maatregelen te nemen gedurende de therapie.
Lactatie
Overgang in de moedermelk: Ja, in zeer geringe mate (de relatieve kinddosis is 0,03%).
Farmacologisch effect: Onwaarschijnlijk, vanwege geringe systemische opname na orale inname. Nadelige effecten bij de zuigeling zijn nooit beschreven.
Advies: Kan waarschijnlijk veilig worden gebruikt.
Lactatie
Overgang in de moedermelk: Onbekend. Een nadelig effect op de zuigeling kan niet worden uitgesloten.
Advies: Het gebruik van dit geneesmiddel of het geven van borstvoeding ontraden.
Contra-indicaties
- als remming van de peristaltiek beslist vermeden moet worden, zoals bij subileus en (toxisch) megacolon;
- acute dysenterie, gekenmerkt door bloed in de ontlasting en hoge koorts;
- bacteriële enterocolitis door invasieve organismen, zoalsSalmonella, Shigella en Campylobacter;
- acute colitis ulcerosa;
- pseudomembraneuze colitis geassocieerd met breed-spectrum antibiotica;
- kinderen < 12 jaar.
Contra-indicaties
Er zijn van dit middel geen contra-indicaties bekend.
Waarschuwingen en voorzorgen
Staak direct de behandeling bij optreden van obstipatie, abdominale distensie of subileus.
Raadpleeg een arts om na te gaan of er een onderliggende oorzaak is van de diarree. De behandeling met loperamide is slechts symptomatisch.
Bij optreden van water- en elektrolytendepletie is adequate vocht- en elektrolytentoediening (ORS) de belangrijkste maatregel.
Bij AIDS-patiënten met infectieuze colitis zijn na gebruik van loperamide enkele gevallen gemeld van obstipatie met meer kans op een toxisch megacolon. Staak de behandeling bij de eerste tekenen van abdominale distensie.
Wees voorzichtig bij een verminderde leverfunctie, omdat (ernstige) centrale bijwerkingen kunnen optreden door een mogelijk afgenomen 'first pass'-metabolisme. Alleen gebruiken onder medisch toezicht.
Waarschuwingen en voorzorgen
Leverfunctie: vóór aanvang van de behandeling en regelmatig tijdens de behandeling de leverenzymwaarden controleren. Er zijn géén gegevens over het gebruik bij een ernstige leverfunctiestoornis (Child-Pughscore 10–15); gebruik hierbij wordt niet aanbevolen. Bij een lichte tot matige leverfunctiestoornis (Child-Pughscore 5–9) de patiënt goed monitoren op mogelijke bijwerkingen en op verslechtering van de leverfunctie. Bij vermoeden van de ontwikkeling van een (nieuwe) leverfunctiestoornis de behandeling onderbreken en de oorzaak achterhalen. Indien géén andere oorzaak kan worden gevonden, de behandeling niet meer hervatten.
Obstipatie komt vooral voor bij hogere doses (500 mg/keer). Controleer op de ontwikkeling van obstipatie. Bij ontstaan van obstipatie de behandeling (ook die van gelijktijdig gebruikte andere geneesmiddelen die invloed hebben op de darmperistaltiek) evalueren.
Depressieve stemming: depressieve stemming, depressie en verminderde interesse is gemeld tijdens het gebruik van telotristat. Adviseer patiënten om symptomen van depressie te melden.
Overdosering
Symptomen
cardiale complicaties, zoals verlenging van het QT-interval en het QRS-complex of 'torsade de pointes'. Een bestaand Brugada-syndroom kan tot uiting komen.
Neem voor meer informatie over een vergiftiging met loperamide/dimeticon contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.
Overdosering
Symptomen
Maag-darmklachten zoals misselijkheid, braken, buikpijn, diarree.
Neem voor meer informatie over een vergiftiging met telotristat-ethyl contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.
Eigenschappen
Loperamide bindt alleen lokaal aan de opioïdreceptor in de darmwand en vertraagt daarmee de darmmotiliteit. De verblijftijd van de darminhoud én de resorptie van water en elektrolyten nemen hierdoor toe. Ook versterkt loperamide de tonus van de anale sfincter. De fysiologische flora blijft onveranderd.
Dimeticon is inert oppervlakteactief met schuimbeperkende eigenschappen en verlicht zo gas-gerelateerde symptomen geassocieerd met diarree.
Voor de kinetische gegevens van loperamide, zie loperamide#eigenschappen. Dimeticon wordt niet geabsorbeerd.
Eigenschappen
Zowel de prodrug telotristat-ethyl als de actieve metaboliet telotristat remmen L-tryptofaanhydroxylasen 1 en 2 (TPH1 en TPH2). Deze enzymen katalyseren de snelheidsbeperkende stappen in de biosynthese van serotonine. Serotonine speelt een cruciale rol in de regulatie van de secretie, motiliteit en ontsteking in het maag-darmkanaal. Het wordt in overmaat geproduceerd bij het carcinoïdsyndroom, waarbij vooral diarree en opvliegers voorkomen. Toediening van telotristat-ethyl vermindert de productie van serotonine en doet de stoelgang geassocieerd met het carcinoïdsyndroom verbeteren (frequentie stoelgang en consistentie feces).
Kinetische gegevens
Resorptie | inname met een vetrijke maaltijd verhoogt de blootstelling aan de prodrug en de actieve metaboliet. |
T max | 0,5–2 uur (telotristat-ethyl), 1,5–3 uur (actieve metaboliet). |
Eiwitbinding | > 99% (telotristat-ethyl, actieve metaboliet). |
Metabolisering | snelle omzetting (hydrolyse) door carboxylesterasen tot de actieve metaboliet telotristat. Deze wordt verder gemetaboliseerd (decarboxylering, deaminering) tot inactieve metabolieten. |
Eliminatie | voornamelijk met de feces, als metaboliet; < 1% met de urine. |
T 1/2el | ca. 0,6 uur (telotristat-ethyl). |
T 1/2el | ca. 11 uur (actieve metaboliet). |
Uitleg afkortingen
F | biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt) |
T max | tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening |
V d | verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam) |
T 1/2 | plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren) |
T 1/2el | plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd |
Groepsinformatie
loperamide/dimeticon hoort bij de groep motiliteitsremmende middelen.
Groepsinformatie
telotristat-ethyl hoort bij de groep motiliteitsremmende middelen.